Kosten gratis OV voor Rotterdamse ouderen lopen op tot € 14,3 miljoen

04 november 2026, 18:22 uur
Rotterdam & Regio
mainImage
EVB

De kosten om alle AOW-gerechtigden in Rotterdam gratis met het openbaar vervoer te laten reizen, lopen volgens het stadsbestuur op tot 14,3 miljoen euro in 2030. In 2026 gaat het nog om 7,6 miljoen euro. Dat blijkt uit antwoorden van het college van burgemeester en wethouders op schriftelijke vragen van SP-raadslid E. Başoğlu.

De gemeente betaalde in 2025 nog 7,2 miljoen euro voor het gratis openbaar vervoer voor ouderen. Voor 2027 worden de kosten geraamd op 12,2 miljoen euro, oplopend tot 12,8 miljoen in 2028 en 13,6 miljoen in 2029. De stijging komt volgens het college onder meer doordat een landelijke korting van 34 procent verdwijnt. Daarnaast houdt de gemeente rekening met een jaarlijkse kostenstijging van 5,6 procent door vergrijzing en hogere kosten voor het openbaar vervoer.

De vervoerders RET en EBS, die het vervoer voor AOW-gerechtigden in Rozenburg verzorgt, brengen de kosten bij de gemeente in rekening op basis van het daadwerkelijke aantal gereisde kilometers. Die worden geregistreerd via het OV-chipkaartsysteem.

Besparing lager dan geraamde kosten

Het Rotterdamse coalitieakkoord voorzag in de afschaffing van het gratis OV voor ouderen. Voor 2027 was daarvoor oorspronkelijk 6,1 miljoen euro gereserveerd in de gemeentebegroting. Dat bedrag is inmiddels uit het begrotingsvoorstel geschrapt.

Het oorspronkelijke plan om ter compensatie het AOW-tegoed met in totaal 2,8 miljoen euro te verhogen, zou volgens het college een besparing van 3,3 miljoen euro opleveren ten opzichte van het eerder begrote bedrag. De werkelijke kosten van het gratis OV zouden naar verwachting echter aanzienlijk hoger liggen.

Het stadsbestuur besloot in oktober om ouderen met een inkomen tot 110 procent van het wettelijk sociaal minimum toch gratis te laten reizen. Deze regeling kost naar verwachting 3,2 miljoen euro in 2027, vier ton meer dan de oorspronkelijk geplande verhoging van het AOW-tegoed.

Ook ruimere inkomensgrenzen zijn onderzocht. Gratis openbaar vervoer voor ouderen met een inkomen tot 120 procent van het sociaal minimum zou jaarlijks ongeveer 5,5 miljoen euro kosten. Bij een grens van 130 procent loopt dat op tot 6,4 miljoen euro en bij 140 procent tot 7,2 miljoen euro. Daar komen volgens het college nog ongeveer 1 miljoen euro aan opstartkosten bij.

Gevolgen voor eenzaamheid niet onderzocht

Het college erkent dat niet afzonderlijk is onderzocht welke gevolgen het afschaffen van gratis openbaar vervoer voor alle ouderen kan hebben voor hun gezondheid, mobiliteit en sociale contacten. Ook de mogelijke effecten op eenzaamheid, de toegang tot zorg en het gebruik van voorzieningen vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) zijn niet in kaart gebracht.

Het stadsbestuur beschikt daardoor niet over onderbouwde inzichten in de mogelijke maatschappelijke en financiële gevolgen van de maatregel.

Evenmin is bekend hoeveel inkomsten de RET door de gewijzigde regeling zal verliezen en wat de gevolgen zijn voor de dienstverlening. Het college acht het wel aannemelijk dat ouderen die niet meer gratis mogen reizen, op eigen kosten gebruik blijven maken van het openbaar vervoer.

Een alternatief waarbij ouderen uitsluitend buiten de ochtend- en avondspits gratis reizen, is niet onderzocht. De bestaande regeling gold op werkdagen al uitsluitend vanaf 09.00 uur en in weekenden en op feestdagen de hele dag. Volgens het college werkt de RET niet met een afzonderlijke avondspits in de tarievenstructuur.

Meer dan 15.000 handtekeningen

De plannen om het gratis OV af te schaffen leidden eerder tot protesten. Volgens de SP kwamen op 9 juli honderden mensen in actie voor behoud van de regeling. Ook werd een petitie met meer dan 15.000 handtekeningen aangeboden.